Bunnik

Kasteel Nieuw-Amelisweerd in Bunnik

Kasteel Nieuw-Amelisweerd in Bunnik.

Nieuw-Amelisweerd, vroeger Groenewoude (of Groenwolde), is een kasteel en ridderhofstad bij Bunnik. Nieuw Amelisweerd is gelegen in het huidige landgoed Amelisweerd.

In 1224 kreeg ridder Amelius uten Werde een waard in leen van het kapittel van Oudmunster en bouwde er een ridderhofstad. De naam Amelisweerd is een verbastering van Amelius’ waard of Amelis-waard. Bij het overlijden van Amelius werd het landgoed door zijn zonen in drie delen opgesplitst. Twee delen vormen het huidige Oud-Amelisweerd, het derde deel het huidige Nieuw-Amelisweerd.

In het jaar 1350 volgt een eerste vermelding als ridderhofstad Groenewoude. Omstreeks 1389 wordt een Ernst van Groenewoude genoemd die dit gedeelte van de heerlijkheid met het daarop staande versterkte huis had geërfd.[1]

Door vererving kwam het huis in het bezit van de familie van Leeuwenberg, onder wier bezit het goed in 1538 door de Staten van Utrecht als ridderhofstad werd bevestigd.[1]

Tijdens het Rampjaar 1672 wordt het huis zwaar beschadigd.

Na meermalen van eigenaar te zijn veranderd komt het goed in 1682 in het bezit van Hendrik van Utenhove, die het middeleeuwse huis liet afbreken en het huidige landhuis bouwde.

In 1808 verkocht Maximiliaan Louis van Utenhove het goed aan Lodewijk Napoleon, tevens eigenaar van Oud-Amelisweerd. Lodewijk Napoleon wilde van Oud-Amelisweerd zijn residentie maken en op Nieuw-Amelisweerd zijn officieren huisvesten. Van dit alles kwam niet veel terecht en in 1810 verkocht hij het huis aan Jan Pieter van Wickevoort Crommelin, staatsraad en kanselier van het koninkrijk Holland. In 1811 verkocht deze het aan Paulus Wilhelmus Bosch van Drakesteyn, burgemeester van Utrecht. Diens erfgenamen verkochten het in 1964 aan de gemeente Utrecht.[2]

Een groep krakers kraakte het landhuis Nieuw-Amelisweerd in 1971. In 1984 werd het huis op initiatief van de oorspronkelijke krakers gerestaureerd door architect dr. ir. E.J. Hoogenberk. Het huis wordt tegenwoordig nog bewoond en telt 17 appartementen.

Adres: Koningslaan 1, 3981 HD Bunnik

Kasteel Nieuw-Amelisweerd in Bunnik2018-07-09T09:14:59+01:00

Bunnik – Dorp aan de Kromme Rijn

Bunnik, dorp aan de Kromme Rijn.

Het agrarische dorp Bunnik groeide in de 20ste eeuw uit tot een forensendorp onder de rook van Utrecht. Het oude centrum ligt bij de Bunnikerbrug over de Kromme Rijn en bestaat uit een kleine brink waaraan de 13de-eeuwse dorpskerk met witgepleisterd schip, het oude raadhuis en een oude smederij (nu café) staan.

De ´Oude Dorpskerk’ aan het Kerkpad werd in de 13de eeuw gebouwd en is daarmee een van de eerste bakstenen kerken van ons land. De toren is het oudste deel van de kerk. Vermoedelijk is de kerk oorspronkelijk kleiner geweest en later, in 1566, uitgebreid met een nieuw koor. Achter de kerk staan de Witte Huisjes, ooit de woning van de koster. Niet ver van de kerk bevindt zich het voormalige raadhuis uit 1897 met daartegenover het dorpscafé Het Wapen van Bunnik met groot terras.

Kromme Rijn

Het riviertje de Kromme Rijn, eens de hoofdloop van de Rijn, stroomt nu vriendelijk langs Bunnik. Na de afdamming van de Kromme Rijn in 1122 bij Wijk bij Duurstede verloor de rivier aan betekenis. De scheepvaart koos een andere route en het haventje van Bunnik bleef verweesd achter. Vanaf de brug liggen in de Kromme Rijn over een afstand van ruim één kilometer enkele lange riviereilanden. Hier bevindt zich een prachtig stukje natuur waar het goed wandelen is. Het ‘haventje’, meer een aanlegsteiger, van het landgoed Niënhof is de thuisbasis van de Pont van het Landschap, de excursieboot van het Utrechts Landschap. In de zomermaanden maakt de pont tochten over de Kromme Rijn. De excursies beginnen in Excursiecentrum Niënhof (www.utrechtslandschap.nl). Al eerder heb je het Camminghahuis gepasseerd, het eerste van een reeks imposante landhuizen langs de Kromme Rijn.

Langs het Jaagpad

Het oude jaagpad, het pad dat werd gebruikt om de schepen voort te trekken, volgt de loop van de Kromme Rijn richting landgoed Amelisweerd. Fort Rhijnauwen bestaat uit een bomvrije kazerne en batterijen die omgeven worden door een aarden wal en gracht. Het was (en is nog steeds) hermetisch afgesloten van de buitenwereld waardoor het terrein zich heeft ontwikkeld tot een uniek natuurgebied. Het 18de-eeuwse landhuis Rhijnauwen biedt onderdak aan een Stayokay hostel. Via de poort loop je door naar het Theehuis Rhijnauwen, een bekend en geliefd pannenkoekenrestaurant.

De volgende stop is Oud-Amelisweerd. De geschiedenis van het landhuis gaat terug tot de 13de eeuw maar het werd in 1770 voor het laatst verbouwd. Na jarenlange leegstand opende in 2014 Museum Oud Amelisweerd (www.moa.nl). Het MOA toont drie collecties: de werken van de kunstenaar Armando, het Rijksmonument Oud Amelisweerd (het huis zelf) en unieke Chinese en andere historische behangsels. Theeschenkerij De Veldkeuken, gehuisvest in het koetshuis, is een populaire ontmoetingsplek voor wandelaars en fietsers.

Waterliniemuseum

Via de Voorlaan en de Achterdijk, over de spoorlijn en onder de A12, loop je naar Fort Vechten. Hier bevond zich in de Romeinse tijd het castellum (fort) Fectio. Een grenssteen en een houten wachttoren aan de Marsdijk herinneren aan de grens van het Romeinse rijk: de Limes. Tussen 1867 en 1870 werd het fort gebouwd als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Een uitgelezen plek voor een museum dat het verhaal vertelt van de verdediging van Nederland met behulp van water: het Waterliniemuseum (www.waterliniemuseum.nl). De toegang tot het Fort bij Vechten is al spectaculair: je loopt over een lange houten brug en door een smalle doorsnijding van de wal. Zoals een hedendaags museum betaamt staat de beleving centraal. Persoonlijke verhalen, originele elementen, modellen en digitale media brengen de waterlinie tot leven. De grote blikvanger is de 50 meter lange maquette van de Waterlinie, waar je de linie zelf onder water kunnen zetten of leegpompen.

Het fortterrein is deels heringericht en in oude luister hersteld. Op het geaccidenteerde staan een kazerne, opslagplaatsen, geschutskoepels, bomvrije kelders en loodsen. In een aantal van deze gebouwen zijn (tijdelijke) tentoonstellingen te zien, zoals Lummelen langs de Linie tijdens de Eerste Wereldoorlog en over de Romeinse geschiedenis van fort Fectio.

Bartho Hendriksen

Bunnik – Dorp aan de Kromme Rijn2018-03-26T11:53:10+01:00